TsjaadNaslagwerk over Tsjaad

Natuur — zandsteenmassief en werelderfgoed sinds 2016UNESCO 2016 · reservaat van tienduizenden km²

Het Ennedi-massief

Het Ennedi is een zandsteenplateau in het noordoosten van Tsjaad, uitgesleten tot bogen, torens en kloven, met permanente waterpoelen waarin een restpopulatie krokodillen overleefde.

Zandsteen, water en wind

Het Ennedi is opgebouwd uit dikke pakketten zandsteen die honderden miljoenen jaren geleden als zand werden afgezet en later verhardden. Het plateau ligt ongeveer duizend meter hoog en steekt enkele honderden meters boven de omringende vlakten uit. Zijn vorm dankt het aan twee krachten. Regen in vochtiger perioden sneed diepe kloven in het gesteente en spoelde de zwakkere lagen weg; wind met zand schuurde vervolgens de onderkant van de rotsen af, waardoor paddenstoelvormige zuilen, poorten en bogen ontstonden. Het resultaat is een labyrint van canyons, vrijstaande torens en verscholen dalen midden in de Sahara. Het massief ligt in de provincies Ennedi-Ouest en Ennedi-Est, met Fada en Am-Djarass als toegangspoorten.

Bogen, torens en gueltas

De beroemdste formatie is de Aloba-boog, een natuurlijke stenen brug van ongeveer 120 meter hoog en met een overspanning van tientallen meters — naar hoogte gemeten een van de grootste ter wereld. Even bekend is de guelta van Archei, een smalle canyon in het zuidoosten van het massief waar het hele jaar door water staat. Het water is zwart van de mest van de kamelen die door Toubou-herders naar beneden worden gedreven om te drinken, en de wanden rijzen er honderden meters loodrecht op. Elders in het massief liggen tientallen kleinere gueltas, permanente poelen die uit het gesteente sijpelen en die de sleutel zijn tot al het leven in het gebied: mensen, kuddes en wilde dieren zijn erop aangewezen zodra de laatste regenplassen zijn verdampt.

Krokodillen in de woestijn: in de guelta van Archei leeft een handvol krokodillen, honderden kilometers van elke rivier. Het zijn West-Afrikaanse krokodillen, restanten van een populatie die hier achterbleef toen de Sahara na de laatste groene periode uitdroogde, zo’n vijf- tot zevenduizend jaar geleden. Ze zijn klein gebleven en overleven op vis, vogels en wat het water aanvoert.

Leven op het plateau

De kloven werken als eilanden waar planten uit vochtiger tijden zich staande hielden: doempalmen, tamarisken, acacia’s en zelfs vijgenbomen en varens op beschutte, vochtige plekken. Die relictflora heeft geen verbinding meer met de gebieden waar dezelfde soorten normaal voorkomen. Aan dieren leven er manenschapen op de rotswanden, dorcasgazellen in de vlakten en, veel zeldzamer, de dama-gazelle; verder woestijnvossen, hazen, hyena’s en talrijke roofvogels. De gueltas trekken duiven en trekvogels aan en vormen daarmee de drukste plekken van het massief. De begrazingsdruk van de kuddes en de jacht hebben het aantal grote zoogdieren sterk teruggebracht, en het herstel daarvan is een van de doelen van het huidige beheer.

Rotskunst en bewoners

Het Ennedi is ook een archeologisch archief. Op duizenden plaatsen staan schilderingen en gravures op de rotswanden, sommige naar schatting zevenduizend jaar oud. Ze tonen achtereenvolgens jagers en wilde dieren, runderkuddes uit de tijd dat de Sahara grasland was, daarna paarden met wagens en ten slotte kamelen — een beeldverslag van een landschap dat stap voor stap uitdroogde. De huidige bewoners zijn vooral Toubou en Zaghawa, herders die met kamelen, geiten en schapen tussen de weidegebieden trekken en de gueltas als vaste punten in hun jaar gebruiken; zie ook de volken van Tsjaad.

Werelderfgoed en beheer

UNESCO plaatste het Ennedi in 2016 op de werelderfgoedlijst, en wel als gemengd erfgoed: zowel om het natuurlijke landschap als om de rotskunst. Het beschermde gebied beslaat tienduizenden vierkante kilometers en is daarmee een van de grootste van Afrika. Sinds 2018 voert de organisatie African Parks in opdracht van de Tsjadische staat het beheer, met wildbewaking, onderzoek en werk met de lokale bevolking — dezelfde formule die eerder werd toegepast in nationaal park Zakouma. De uitdagingen zijn stroperij, overbegrazing, afval bij de gueltas en beschadiging van rotstekeningen.

Bezoekinformatie

Het Ennedi bezoek je als expeditie met terreinwagens, gids en eigen water, brandstof en voedsel; er zijn geen hotels in het massief, wel eenvoudige onderkomens in Fada en Am-Djarass. Vanaf N’Djamena is het over de weg ruwweg duizend tot twaalfhonderd kilometer, drie tot vier dagen rijden, vaak via Abéché; sommige reizen korten dat in met een chartervlucht. Er zijn toegangs- en fotografievergunningen nodig, en de regels rond reizen in het noorden en oosten wijzigen geregeld; raadpleeg het actuele reisadvies van je eigen overheid en de pagina veiligheid in Tsjaad. Het seizoen loopt ruwweg van november tot februari, wanneer het overdag draaglijk is en het ’s nachts flink afkoelt; zie de beste reistijd en de reisroutes.

Verder lezen